feesten doen we samen!!

Make A Difference Day Lessen

Make A Difference Day Lessen

 

Groep 1

 

Leerdoelen voor Make a Difference Day:

 

- Het verschil tussen arm en rijk kunnen zien door middel van spelletjes, knutselwerkjes, kringgesprekken en film(pje)s.

- Leren anderen te helpen/sociaal te zijn.

- De kinderen leren wat Make a Difference Day is.

- Leren samenwerken

 

Belangrijk voor juf Corrie:

 

- De kinderen moeten zelf ontdekken

- Muziek, drama en taalontwikkeling is belangrijk

 

Les 1:

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

De materialen die nodig zijn: Een doos/kist vol eenvoudig te bespelen instrumenten zoals een tamboerijn, trommels, sambaballen etc. En eventueel een Cdtje met de muziek erop. En voor de puzzel: schaar, plaksel, kleurpotloden.

De te hanteren regels/afspraken voor de activiteit(en): De kinderen gaan goed om met de instrumenten en iedereen zingt lekker mee. Er wordt goed naar elkaar geluisterd in de kring.

Wat wil ik met deze les bereiken?: De kinderen moeten na de les begrijpen waar MADD om draait. En waarom elkaar helpen belangrijk en leuk is. Ze leren daarnaast met instrumenten omgaan en een tekst herinneren en zingen.

 

 

De lesplanning voor de leerkacht:

Organisatievorm en werkvorm voor de klas:

 

 

Inleiding:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

 

 

Afsluiting:

 

 

De juf begint met te vertellen wat de kinderen de komende weken gaan doen. Het onderwerp Make a Difference (maak het verschil dag) wordt kort ingeleid door middel van het liedje ‘Bob de Bouwer’ (zie bijlage 1).

Nadat het liedje is gezongen volgt er een kringgesprek waarin de juf verteld dat Bob allemaal mensen helpt en dat dit heel goed is. Dan vraagt ze op de kinderen zelf ook thuis eens helpen met iets.

De juf verteld dat er veel mensen in de wereld elkaar mensen die het nodig hebben helpen, voor NIKS! Dan helpen ze bijvoorbeeld onderdak bouwen, eten maken en kleren geven aan de armen.

Ze verteld dat de kinderen de komende weken net zoals Bob elkaar en anderen gaan helpen.

 

In de kern gaan we met zijn allen het Bob de Bouwer liedje oefenen.

De kinderen zitten in een kring en in het midden heeft de juf een bak met instrumenten neergezet. De juf geeft aan wanneer en welke leerling(en) een instrument mag pakken en als ze ‘nou en of!’ moeten zingen slaan de kinderen drie keer op de trommel (of tamboerijn of schudt met de sambaballen etc. etc.). Als iedereen een instrument heeft geven de kinderen als de juf het zegt de instrumenten aan elkaar door.

 

In het tweede deel van de kern krijgen alle kinderen een Bob de Bouwer werkblad/puzzel (zie bijlage 2). Ze moeten de ontbrekende stukjes op de plaat plaatsen.

 

 

Als afsluiting wordt het lied nog één keer gezongen met instrumenten.

De juf stelt nog een paar vragen:

Waar gaan we de komende weken nou weer mee bezig?

Waarom is iemand helpen belangrijk?

De kinderen zitten in een kring als de juf het liedje voorzingt en tijdens het kringgesprek blijven de kinderen natuurlijk in de kring zitten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De kinderen zitten nog met zijn allen in de kring met de instrumenten in het midden geplaatst.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voor dit deel van de les gaan de kinderen aan hun tafels zitten, iedereen krijgt plaksen om de juiste plaatjes bij de lege vakjes te plaatsen. Als de leerlingen klaar zijn mag de plaat ook nog ingekleurd worden.

 

De afsluiting vindt ook plaats in een kring.

 

         

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Andere lesideeën:

 

- Speel taalspelletjes met betrekking tot bouwen/werken (bijlage 3)

- Zing het lied elke week een keer, er kan ook een eenvoudig dansje bij bedacht worden

- Laat de kinderen buiten iets voor de school doen, laat ze hun oude kleren aantrekken en ga een middagje onkruid wieden, vegen op het schoolplein. Verbind dit aan een kringgesprek (Vonden jullie het leuk om te werken? Wat hebben jullie ervan geleerd?)

 

 De viering:

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

De materialen die nodig zijn: Verkleedspullen, pannen, pannenkoekmix, krentenbollen, sap, stroop, poedersuiker, werkbladen voor memorie en domino, scharen.

De te hanteren regels/afspraken voor de activiteit(en): De kinderen zijn stil tijdens de optredens.

Wat wil ik met deze les bereiken?: De kinderen hebben samen plezier en bekijken waar de andere klassen aan hebben gewerkt afgelopen weken. Ze leren elkaars werk te respecteren. Het groepsgevoel moet d.m.v. deze les sterker worden.

 

 

De lesplanning voor de leerkacht:

Organisatievorm en werkvorm voor de klas:

 

 

Inleiding:

 

 

 

 

Kern:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

 

 

 

Kern 3:

 

 

 

 Afsluiting:

 

 

De juf opent de viering in de kring, ze stelt een aantal vragen: Wat hebben jullie afgelopen weken geleerd? Hebben jullie wat gedaan aan MADD?

 

De juf heeft allerlei verkleedspullen meegenomen (bouwhelmen, overalls, bouwhessen) en de kinderen verkleden zich voor de hele dag als een echte vrijwillig(st)er.

Daarna wordt er met zijn allen het Bob de Bouwer liedje gezongen.

Dan wordt er in tweetallen Bob de Bouwer memorie en Bob de Bouwer domino gespeeld (bijlage 1 & 2).

 

 

In het tweede deel van de kern krijgen de kinderen een lunch van een aantal daarvoor benaderde ouders die voor ze hebben gekookt (pannenkoeken, appelsap, krentenbollen).

De juf legt na de lunch uit dat dit ook vrijwilligerswerk is.

 

De groep gaat naar de aula om te kijken naar de optredens van de andere klassen.

 

Aan het einde van de optredens wordt er met de hele school het schoollied gezongen. Ten slotte wordt er in de klas nog even kort afgesloten met een praatje van de juf.

De kinderen zitten in een kring.

 

 

 

 

Het verkleden gebeurt centraal, het liedje wordt in de kring gezongen en voor de spelletjes gaan de tweetallen aan tafeltjes zitten. Ze krijgen allemaal een werkblad (memorie of domino) uitgedeeld.

 

 

 

 

 

 

 

De kinderen ruimen eerst hun spelletjes op en wassen hun handen. Daarna wordt er aan een grote tafel (aaneengeschoven tafeltjes) geluncht samen met de juf en de ouders.

 

 

 

 

 

 

 

De dag eindigt in een kring in de klas. Bij de optredens zit groep 1 vooraan op bankjes.

 

 

 

 

         

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Groep 2

 

Leerdoelen voor Make a Difference Day:

 

- De kinderen leren samen te werken

- De kinderen leren wat Make a Difference Day inhoud

- De kinderen leren verschillen tussen arm en rijk.

- De kinderen iets te doen voor een ander.

- De kinderen leren door midden van spelletjes beter rekenen en taal.

 

Belangrijk voor juf Mieke en juf Mirjam:

 

- Er is een duidelijke dagopening

- Er wordt (als mogelijk) aandacht besteed aan het vieren van MADD in andere landen

- Het ‘samenzijn’ is erg belangrijk (groepsgevoel)

 

Les 1:

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

Materialen die nodig zijn: 29 platen voor alle kinderen, het filmpje van Bob de Bouwer, kleurpotloden, 15 stippendobbelstenen en 15 kleurendobbelstenen.

De te hanteren regels/afspraken voor de activiteit(en): Iedereen luistert naar elkaar in de kring.

Wat gaan de kinderen leren in deze les?: De kinderen leren spelenderwijs tellen en een beetje rekenen (getallen herkennen, 1-1 redenatie maken). Ze leren wat Make a Difference Day is en waarom vrijwilligerswerk  belangrijk is op de wereld.

 

 

De lesplanning voor de leerkracht:

Organisatievorm en werkvorm in de klas:

 

 

Inleiding:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Afsluiting:

 

 

Er wordt begonnen met het introfilmpje van Bob de Bouwer

(bijlage 1). Daarna vindt een kringgesprek plaats. Eerst vraagt de juf wat Bob allemaal doet (mensen helpen). En of hij dit alleen doet. Er wordt gepraat over elkaar elkaar helpen. Er wordt gevraagd of de kinderen thuis wel eens helpen met de boodschappen of iets dergelijks. Dan wordt er uitgelegd wat er precies gevierd wordt in deze maand (wat is MADD precies?). Ze verteld wat over mensen die arme mensen helpen met onderdak, eten, kleren etc.

 

Er worden duo’s gemaakt en de kleurplaat (zie bijlage) wordt aan iedereen uitgedeeld en het spelletje wordt gespeeld. Iedereen heeft een stippendobbelsteen en een kleurendobbelsteen, als een leerling bijvoorbeeld een 2 en blauw gooit moet hij/zij 2 bakstenen blauw maken met een potlood.

Degene die als eerst alle bakstenen heeft ingekleurd wint.

Hierna wordt de rest van de plaat ingekleurd.

 

In dit tweede gedeelte van de les is er een korte dramales met als spelonderdeel ‘tableau’. Eerst legt de juf uit wat tableau precies is (het uitbeelden van iets zonder te bewegen, een standbeeld).

De juf laat de kinderen rondlopen en dan roept ze een handeling zoals timmeren, dan moeten de kinderen als een standbeeld stil gaan staan en een timmerman/vrouw uitbeelden. Andere handelingen in de onderwerp kunnen: schilderen, graven, tuinieren zijn.

 

De juffen sluiten af door nog wat vragen te stellen over MADD. Waar gaat het nog eens om? Is samenwerken belangrijk? Ten slotte wordt het schoollied gezamenlijk gezongen door groep 2.

 

 

De klas zit in een kring en de juf stelt vragen en verteld op haar beurt het een en ander over MADD.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De kinderen zitten met tweetallen aan een tafeltje te werken. De juffen lopen rond en helpen de kinderen met het tellen van de stenen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

In dit onderdeel van de les worden alle tafeltjes en stoelen aan de kant gezet, er is ruimte voor nodig.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De les wordt afgesloten in een kring.

 

 

 

         


 

 

 

 

Andere lesideeën

 

- Laat de kinderen kleine dingetjes voor de school doen (vegen, onkruid wieden in de schooltuin)

- Het tableau spelen wordt uitgebreid tot een klein stukje en kan tijdens het feest worden opgevoerd

- Maak met kinderen werkbladen (zie bijlage 2) en bouwwerkjes met blokken (zie bijlage 3)

  

De viering:

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

Materialen die nodig zijn: chocomelk, broodjes, krentenbollen, beleg, mesjes, (plastic) bordjes en bekertjes, werkbladen, scharen

De te hanteren regels/afspraken voor de activiteit(en): Iedereen is stil tijdens de optredens, er wordt ook applaus gegeven.

Wat gaan de kinderen leren in deze les?: Elkaars werk respecteren, samen werken (op het podium staan).

 

 

De lesplanning voor de leerkracht:

Organisatievorm en werkvorm in de klas:

 

 

Inleiding:

 

 

 

 

 

 

 

Kern:

 

 

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 3:

 

 

 

Kern 4:

 

 

 

 

 Afsluiting:

 

De juf opent de dag in de kring ze verteld wat er vandaag gaat gebeuren en stelt nog een paar vragen met betrekking tot MADD.

Wat is MADD nog eens? Waarom vinden jullie het belangrijk?

Gaan jullie wat doen aan MADD vandaag (thuis bijvoorbeeld)?

De kinderen maken tweetallen en krijgen allemaal twee verschillende werkbladen: memorie en domino (zie bijlage 1 & 2). Deze moeten ze uitknippen en kunnen de spelletjes daarna met elkaar spelen.

 

De kinderen oefenen hun tableau stukje nog een keer met de juf. De juf verteld een verhaaltje over Make A Difference Day en ze noemt elke keer op een hoge stem een harde werker (bouwer, schilder, brandweerman).

De kinderen lopen rond en elke keer als ze zo’n beroep horen gaan ze in tableau staan van het genoemde personage.

 

Na de korte oefening mogen de kinderen even eten (er is gezorgd voor chocomelk, broodjes, krentenbollen).

 

In dit deel van de dag gaan alle kinderen naar de aula om te kijken naar de optredens van de andere klassen en natuurlijk voor hun eigen tableau optredentje.

 

De optredens worden afgesloten door met zijn allen het schoollied te zingen.

Daarna gaan de kinderen nog even naar de klas om na te praten.

De kinderen zitten in een kring.

 

 

 

 

 

 

 

De kinderen zitten met hun tweetallen aan hun tafeltjes en de juf loopt rond om complimentjes en tips te geven.

 

 

 

 

De stoelen worden aan de kant geschoven zodat er alle ruimte is om de spelen.

 

 

 

 

 

 

Er wordt gezamenlijk aan een grote tafel (aaneengeschoven rij tafeltjes).

 

 

 

De kinderen van groep 2 zitten vooraan op bankjes en zijn als eerste aan de beurt om hun stukje op te voeren. En ten slotte wordt er in een kring afgesloten.

 

 

 

 

         

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Groep 3B

 

Leerdoelen voor Make a Difference Day:

 

- De kinderen leren wat Make a Difference Day en vrijwilligerswerk is.

- De kinderen leren hoe belangrijk samenwerken is.

- De kinderen leren dat er in Nederland ook arme mensen zijn.

- De kinderen leren beter schrijven en lezen door spelletjes e.d.

 

Belangrijk voor juf Noor:

 

- Er moet ingespeeld worden op de individuele niveaus

- Er moet ook tijdens de lessen op vrijdag aandacht worden besteedt aan lezen en schrijven.

 

 Les 1:

 

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

Materialen die nodig zijn: Een powerpoint presentatie en beamer, potloden, kleurpotloden en blaadjes.

De te hanteren regels/afspraken voor de activiteit(en): De kinderen mogen alles tekenen ga er dus niet op in als er onrealistische dingen worden getekend.

Wat gaan de kinderen leren in deze les?: De kinderen leren zelf inhoud geven aan vrijwilligerswerk. Ze leren wat MADD is en waarom vrijwilligerswerk belangrijk is voor sommige mensen.

 

De lesplanning voor de leerkracht:

Organisatievorm en werkvorm in de klas:

 

Inleiding:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

 

 

 

 Afsluiting:

 

 

 

 

De juf heeft een kleine presentatie voorbereid om te laten zien wat Make a Difference Day en vrijwilligerswerk inhoudt. Er zitten veel plaatjes bij om de kinderen een beeld te geven wat men allemaal doet als vrijwilliger.

Daarna begint ze met vragen:

Doen jullie wel eens wat aan vrijwilligerswerk (thuis bijvoorbeeld)?

Vinden jullie het goed dat mensen dit doen?

 

De juf verteld een verhaaltje over een situatie bij een gezin thuis in een arm land. Hun huis is verwoest door bijvoorbeeld een overstroming. De juf verteld wat het gezin allemaal nodig heeft en wat ze leuk vinden.

Nu moeten de kinderen een tekening maken van het huis dat ze voor die familie.

Ze mogen zelf ook hun fantasie en creativiteit gebruiken.

 

De kinderen gaan met behulp van werkbladen (bijlage 1 en 2) rekenen.

Voor de snellere leerlingen kunnen de getelde materialen bij elkaar op worden geteld of kunnen er moeilijkere sommen worden geformuleerd door de juf.

 

Er wordt voor het einde van een les nog galgje gespeeld met woorden zoals: werken, bouwen, verven, koken, arm, samenwerken

De juf vat door middel van het stellen van vragen MADD kort samen.

Wat is vrijwilligerswerk?

Waar is het goed voor?

Zou je nu zelf mensen vrijwillig helpen?

De juf presenteert voor de klas en de kinderen zitten gewoon achter hun tafeltjes.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De kinderen zitten achter hun tafeltjes en gaan de tekening van maken. De juf loopt rond en geeft aanwijzingen.

 

 

 

 

 

 

 

De opstelling van de klas blijft hetzelfde. De juf houdt goed in de gaten hoe het gaat, wie er hulp nodig heeft en wie er juist erg snel gaat.

 

 

 

 

De kinderen zitten nog steeds achter hun tafeltjes bij de afsluiting.

De juf stelt gerichte vragen zodat het thema van de komende weken duidelijk wordt.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Andere lesideeën:

 

- Laat de kinderen knutselwerkjes m.b.t. Make a Difference Day maken om de school te versieren.

- Geef een dramales met het onderdeel vertelpantomime. Bedenk zelf een goed verhaal over een jongetje of meisje dat arm is en hulp krijgt van vrijwilligers en laat de kinderen dit vormgeven d.m.v. pantomimespel.

- Gebruik het thema MADD om een reken en/of taalles te geven (laat de kinderen een klein verhaaltje over vrijwilligerswerk schrijven of maak verhaalsommen met Bob de Bouwer o.i.d.)

 

De viering:

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

Materialen die nodig zijn: zie bijlage

De te hanteren regels/afspraken voor de activiteit(en): Tijdens de optredens moet iedereen stil zijn.

Wat gaan de kinderen leren in deze les?: Elkaars optredens respecteren. Samen spelen. Ze leren dat spelletjes met weinig materiaal ook leuk kunnen zijn.

 

De lesplanning voor de leerkracht:

Organisatievorm en werkvorm in de klas:

 

Inleiding:

 

 

 

 

Kern:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

Kern 3:

 

 

 

 

 

Afsluiting:

 

 

 

De les begint met een kort kringgesprek waarin de juf nog even wat vragen stelt over MADD: Wat is MADD nog eens precies? Wat hebben we de afgelopen weken gedaan?

 

In het eerste deel van de kern gaan de kinderen een aantal spelletjes spelen, namelijk: huis, lintdobbelen en koeienstaarten (bijlage 1,2 en 3). De juf verteld voordat ze beginnen nog dat kinderen in arma landen maar heel weinig speelgoed hebben. Geen spelcomputers of mooie bordspellen. Dus ze moeten zelf dingen verzinnen met alledaagse materialen, dat soort spelletjes gaan ze nu spelen.

 

In het tweede deel van de kern wordt er met z’n allen gebruncht. Er is sap, chocomelk, broodjes, beleg en krentenbollen.

 

In dit deel van de les gaat groep 3B naar de aula toe om naar de optredens van de andere klassen te gaan kijken.

Na de optredens wordt er met zijn allen het schoollied van De Klinker gezongen.

 

Na de optredens gaat groep 3B nog even terug naar de klas om even na te praten over de dag en MADD.

De kinderen zitten in een kring en de juf stelt de vragen.

 

 

 

 

De klas wordt opgedeeld in groepjes, elke 20 minuten wordt er doorgedraaid naar het volgende spel.

In drie verschillende hoeken in de klas worden de spelletjes gespeeld.

 

 

 

 

 

 

Er wordt een lange tafel gemaakt van de tafeltjes, zodat er met z’n allen gegeten kan worden.

 

 

Groep 3B gaat achter groep 1 en 2 zitten op bankjes.

 

 

 

 

De kinderen gaan in een kring zitten om na de praten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Groep 3A

 

Leerdoelen voor Make a Difference Day:

 

- De kinderen leren wat MADD inhoudt en wat vrijwilligerswerk is

- De kinderen zijn met behulp van spelletjes bezig met taal

-  De kinderen krijgen weet van armoede in Nederland

 

Belangrijk voor meester Pim:

 

- Er wordt aandacht besteed aan handenarbeid

- Er wordt een speciaal liedje voor MADD gemaakt door Pim (en laat zijn klas dit eventueel presenteren met het feest)

- De ouders zijn betrokken bij het feest en eventueel de lessen

 

Les 1:

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

Materialen die nodig zijn: Splitpennen, werkbladen voor de trekpop, kleurpotloden, stiften, scharen, touwtjes.

De te hanteren regels/afspraken voor de activiteit(en): Iedereen zingt lekker mee. Iedereen moet even meehelpen om de kring op te ruimen en weer terug te zetten.

Wat gaan de kinderen leren in deze les?: De kinderen leren wat MADD inhoud. De kinderen leren de basis van vrijwilligerswerk. De kinderen leren een liedje en een dansje aan voor het feest.

 

De lesplanning voor de leerkracht:

Organisatievorm en werkvorm in de klas:

Inleiding:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Kern:

 

 

 

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

 

 

 Afsluiting:

 

 

 

 

De meester begint de les met een zelf verzonnen liedje over vrijwilligerswerk op de melodie van ‘Altijd is Kortjakje’.

Dan vraagt hij de groep waar het liedje over ging.

En legt zo uit wat het thema van de komende weken is.

Er volgt een kort kringgesprek over vrijwilligerswerk:

Is iedereen er bekent mee?

Wat weten de kinderen al over vrijwilligerswerk?

 

In het eerste deel van de kern leert de meester de kinderen het liedje aan.

In het tweede deel leert bij de kinderen er een klein dansje bij. De meester wil dit graag gaan opvoeren op het feest over 4 weken.

 

In dit deel van de les gaan de kinderen om de school te versieren een echte Bob de Bouwer  trekpop maken (zie bijlage 1 & 2). Laat de kinderen het werkblad uitknippen, kleuren en ten slotte in elkaar zitten

 

Ter afsluiting worden het dansje en het liedje nog een keer gedaan en de trekpoppen die klaar zijn worden in het lokaal opgehangen. Daarna wordt er nog even nagepraat over MADD.

 

 

 

 

De organisatievorm van de inleiding is een kring.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het liedje wordt in de kring geoefend (de kinderen gaan bij het zingen wel staan), bij het dansje worden alle stoelen aan de kant geschoven zodat het met alle ruimte geoefend kan worden.

 

De kinderen zitten gewoon achter hun tafeltjes bij deze werkvorm

De meester moet goed opletten dat alles goed gaat en helpen bij het gebruiken van potentieel gevaarlijke dingen zoals splitpennen en scharen.

De afsluiting vindt weer plaats in een kring.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Andere lesideeën:

 

- Neem het dansje en het liedje elke les een paar keer door.

- Knutsel een huisje voor bij de trekpop (bijlage 3)

- Meester Pim speelt een teacher in-role, hij is een arm jongetje/meisje en heeft de hulp van de leerlingen nodig, zij moeten bijvoorbeeld koken, bouwen, verven.

 

De viering:

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

Materialen die nodig zijn:  Veel blokken, lego en/of duplo, chocomelk, fruit, broodjes, krentenbollen, beleg.

De te hanteren regels/afspraken voor de activiteit(en): De kinderen zijn stil tijdens de optredens.

Wat gaan de kinderen leren in deze les?: Ze leren samen te werken door samen te bouwen. Ze leren elkaars optredens te respecteren. Ze leren voor publiek te presenteren.

 

De lesplanning voor de leerkracht:

Organisatievorm en werkvorm in de klas:

 

Inleiding:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern:

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 3:

 

 

 

Kern 4:

 

 

 

Afsluiting:

 

 

 

De meester begint ’s ochtends met een kringgesprek over MADD. Hij vat de afgelopen week samen en stelt wat vragen over MADD en vrijwilligerswerk.

Wat hebben jullie afgelopen weken geleerd?

Is vrijwilligerswerk belangrijk?

Wat is MADD?

Daarna verteld hij wat er gebeuren gaat de rest van de dag.

 

In de kern van de les gaan de kinderen hun ingestudeerde liedje en dansje nog even met meester Pim oefenen voor hun optreden ’s middags.

 

In het tweede deel van de kern gaat groep 3A een stad bouwen voor arme mensen in een arm land. De meester heeft op zijn bureau al een aantal voorbeelden van gebouwen staan (gemaakt van blokjes), eerst stelt hij nog een paar vragen: Hoeveel blokjes heeft dit gebouw? Hoeveel hoeken heeft het gebouw? Hoeveel verdiepingen heeft dit gebouw?

Op het bord heeft de meester een plattegrond getekend waar op staat waar de gebouwen moeten komen te staan op de vloer.

Dan gaan de kinderen in tweetallen huizen bouwen voor de arme mensen in het land.

 

De kinderen gaan met zijn allen lunchen in het lokaal. Er is chocomal, sap, broodjes, beleg, fruit en krentenbollen.

 

In dit deel van de les gaan de kinderen naar de aula toe om de optredens van de andere klassen te bekijken en natuurlijk zelf op te treden. Groep 3A treedt na groep 1 op.

 Na de optredens wordt er samen het schoollied gezongen.

En daarna gaan de kinderen van groep 3A nog even terug naar de klas om na te praten over de dag en MADD.

In de inleiding zitten de kinderen met hun stoeltjes in een kring.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De stoelen en tafel worden aan de kant geschoven zodat er genoeg ruimte is.

 

 

 

De stoeltjes en tafels staan nog steeds aan de kant zodat er op de grond gebouwd kan worden. Zorg wel dat het bouwwerk even kan blijven staan, en dat de lunchtafel neer kan worden gezet.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Er worden tafels aan elkaar geschoven zodat er een grote tafel ontstaat

 

 

De kinderen nemen plaats achter groep 1 en 2 op bankjes.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Groep 4

 

Leerdoelen voor Make a Difference Day:

 

- De kinderen leren van MADD precies is (Wat gebeurt er op die dag? Waarom doen mensen dat?)

- De kinderen leren samen te werken

- De kinderen leren zich in de leven in andere mensen

- De kinderen leren over hoe arme mensen het hebben

 

Belangrijk voor juf Rita:

 

- Het moet ouderwets gezellig zijn

- Er zou een leuk toneelstukje opgevoerd kunnen worden

- Ze moet ook lekker met nieuwe ideeën aan de slag

 

Les 1:

 

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

 

De materialen die nodig zijn: (Kleur)potloden, stiften, wasco, papier. De te hanteren regels/afspraken voor de uitvoering van de activiteit(en): Er moet snel van vorm (kring, rijtjes, alles leeg) worden geschoven.

Wat leren de kinderen in deze les?: De kinderen leren wat MADD precies is, en wat vrijwilligerswerk is. Ze leren zichzelf te uiten door middel van toneelspel. Ze leren een beeld te vormen bij armoede en vrijwilligerswerk door te tekenen. De kinderen leren zich in te leven in een ander door het toneelspel

 

 

De lesplanning voor de leerkracht:

Organisatievorm en werkvorm voor de klas:

 

 

Inleiding:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 Kern

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 2

 

 

 

Afsluiting

 

 

 

Er vindt in de inleiding een kringgesprek plaats over Make A Difference Day. Eerst verteld de juf wat MADD precies inhoudt en aan stelt vragen: Wat is vrijwilligerswerk volgens jullie? Waarom wordt er aan vrijwilligerswerk gedaan? Waarom is het belangrijk?

Ze verteld ook dat de kinderen aan het eind van de MADD periode een klein toneel stukje op gaan voeren.

 

In de kern van de les is er plaats voor drama, er wordt voorbereidt op het toneelstukje dat groep 4 gaat geven.

Er wordt vandaag geoefend met vertelpantomime, de juf heeft een verhaaltje voorbereidt over vrijwilligerswerk in het buitenland (een meisje dat geen papa en mama meer heeft en wordt opgevangen door een organisatie die haar onderdak en les geeft). De juf verteld het verhaal en de kinderen spelen het na. Het verhaal moet zo zijn geschreven dat de kinderen veel kunnen bewegen en spelen.

 

De juf verteld dat het toneelstuk dat ze gaan opvoeren ook ongeveer zo gaat. De juf verteld en de kinderen spelen. Ze gaan wel nog een paar keer oefenen

 

De kinderen krijgen de opdracht op een tekening te maken van het meisje waar het toneelstuk over gaat en het huis waar ze wordt geholpen.

 

De juf vat MADD nog een keertje kort samen en stelt wat vragen: Wat is MADD nog eens? Waarom is vrijwilligerswerk belangrijk? Vonden jullie het leuk vandaag?

Ten slotte wordt met zijn allen het schoollied gezongen

De kinderen zitten in een kring.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De stoeltjes en tafeltjes worden allemaal aan de kant geschoven om het speelvlak zo groot mogelijk te maken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De tafeltjes en stoeltjes worden teruggezet en de kinderen gaan achter hun tafeltje de tekening maken.

 

 

De kinderen blijven voor dit deel van de les gewoon achter hun tafeltjes zitten.

 

         

 

Andere lesideeën:

 

- De kinderen gaan dieper in op het op te voeren toneelstukje.

- De kinderen krijgen wat filmpjes te zien over vrijwilligerswerk om een beter beeld te krijgen

- De kinderen maken wat gepaste knutselwerkjes om de school voor dit thema te versieren.

 

De viering:

 

Doorzoek de website

© 2009 All rights reserved.

De inrichting van de situatie en de voorbereiding

De materialen die nodig zijn: Er moeten twee ouders aanwezig zijn om te helpen met het koekjesbakken, zij lunchen ook mee. Voor de benodigdheden voor het koekjesbakken zie bijlage 1.

De te hanteren regels/afspraken voor de uitvoering van de activiteit(en): De kinderen gaan goed om met de materialen die nodig zijn. De kinderen zijn stil tijdens de optredens. De kinderen ruimen de bakspullen netjes op.

Wat leren de kinderen in deze les?: De kinderen leren elkaars optredens te respecteren. Ze leren voor publiek iets te presenteren. Ze leren samen te werken, wegen en tellend rekenen.

 

 

De lesplanning voor de leerkracht:

Organisatievorm en werkvorm voor de klas:

 

 

Inleiding:

 

 

 

 

 

 

Kern:

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Kern 2:

 

 

 

 

Kern 3:

 

 

 

 

 Afsluiting:

 

 

 

 

 

 

 

De les begint met een kringgesprek over MADD en vrijwilligerswerk. De juf stelt wat vragen aan de klas: Wat is MADD ook alweer? Waarom is vrijwilligerswerk ook alweer belangrijk?

Daarna legt ze uit was de kinderen gaan doen in deze les.

 

In de kern van de les gaan de kinderen samen koekjes bakken (zie bijlage 1) voor elkaar die ze tijdens de lunch op kunnen eten.

De juf legt uit dat er ook mensen zijn die als vrijwilligerswerk zomaar voor andere mensen koken die het nodig hebben. Zij gaan op hun vrije dag zomaar soep, kip en andere lekkere dingen voor de arme mensen koken.

Maar nu gaan de kinderen lekker voor elkaar een zichzelf koekjes bakken! Twee ouders zijn uitgenodigd om de kinderen te helpen

 

In het tweede deel van de kern wordt er geluncht, de koekjes worden opgegeten maar er is ook fruit, sap, chocomelk, brood en krentenbollen.

 

De leerlingen nemen hun toneelstukje nog een keer kort door en gaan dan naar de aula toe om naar de optredens te kijken en zelf op te treden. Groep 4 treedt na groep 3A op.

 

Na de optredens wordt er met zijn allen het schoollied gezongen.

Na de optredens gaat groep 4 nog even terug naar de klas waar nog kort wordt nagepraat over MADD, vrijwilligerswerk en de afgelopen weken.